Logo  Logo  Logo

Veelgestelde vragen

Uitvaart bijwonen

Je hoeft tegenwoordig echt niet meer helemaal in het zwart naar een uitvaart. En ook het driedelige pak mag in de kast blijven. Maar zorg wel voor nette, schone kleren. De meeste mensen kiezen voor sobere kleuren als zwart, grijs of donkerblauw. Is het een warme dag? Kom toch maar liever niet op slippers en in korte broek. Soms staat er een kledingadvies op de kaart, zo kan het zijn dat de familie het juist mooi vindt als iedereen fleurige kleding aantrekt. Probeer je altijd zoveel mogelijk te houden aan dit soort wensen.

Soms is het moeilijk om te bepalen of je wel of niet verwacht wordt op een uitvaart. Je kunt dan de volgende stelregel aanhouden. Je gaat naar een uitvaart als je:

- de overleden persoon goed hebt gekend.

- je de overledene zelf niet (goed) kende, maar wel de nabestaanden wilt steunen in hun verlies.

"Een rouwkaart is in eerste instantie bedoeld als kennisgeving van iemands overlijden", zegt etiquette-expert Beatrijs Ritsema. "De nabestaanden willen zoveel mogelijk mensen op de hoogte brengen, omdat ze het vervelend zouden vinden als iemand het via via hoort of veel te laat. Pas in tweede instantie is zo'n rouwkaart ook een uitnodiging om de uitvaart bij te wonen. Het is altijd aan jezelf om te bepalen of je erbij wilt zijn. Ben je verhinderd of wil je niet gaan? Stuur dan in elk geval een handgeschreven condoleancekaart naar de familie."

Beatrijs Ritsema: "Rouwadvertenties worden geplaatst om ook mensen die de nabestaanden niet persoonlijk kunnen bereiken op de hoogte te stellen van iemands overlijden. Als je de overledene gekend hebt en afscheid wilt nemen, ben je welkom op de begrafenis. Dit geldt wel alleen als in de advertentie vermeld staat waar en wanneer de uitvaart gehouden wordt. Staat dat er niet bij, dan willen de nabestaanden in besloten kring afscheid nemen. Het is dan niet de bedoeling dat je zelf probeert te achterhalen wanneer de uitvaart wordt gehouden."

Hebben de kinderen de overledene goed gekend, dan horen ze er natuurlijk bij. Ook voor kinderen is het immers belangrijk om afscheid te kunnen nemen. Bij heel jonge kinderen is het verstandig om een oppas stand-by te hebben in een andere ruimte. Mocht je kindje erg onrustig zijn, dan kun je hem of haar even wegbrengen. Gaat het om de uitvaart van iemand die de kinderen niet of amper gekend hebben? Laat ze dan liever thuis.

Er is een vaste volgorde voor het vermelden van de namen van de nabestaanden op de rouwkaart. Deze volgorde wordt ook tijdens de uitvaart en bij het condoleren aangehouden. In de uitvaartbranche wordt dit ook wel de préséance van de familie genoemd: de volgorde van belangrijkheid. De meest voorkomende volgorde is: partner, kinderen, partners van kinderen, klein- en achterkleinkinderen, ouders, ouders van partner, broers en zussen, zwagers en schoonzussen, neven en nichten. Als de overledene kinderen heeft uit vorige relaties, komen die meestal direct na de huidige partner (van oud naar jong). Daarna volgen de kinderen uit de bestaande relatie en de eventuele kinderen uit eerdere relaties van de huidige partner.

Volgens toBe-columnist en uitvaartpionier Monica Zeegers is dat vrij simpel: "'Gecondoleerd' is voldoende, Helaas houdt bijna niemand zich hier aan. In de praktijk gaan mensen hele verhalen houden, ook als er nog een enorme rij achter ze staat. Als ik dat als uitvaartverzorger zie, verzoek ik de mensen vriendelijk en beleefd het gesprek op een ander moment voort te zetten. Dat wordt me niet altijd in dank afgenomen, maar de familie waardeert dat des te meer. Steeds meer families kiezen er overigens voor om het condoleren over te slaan. Ze zetten dan bijvoorbeeld op de kaart dat er na afloop een informele bijeenkomst is, of de uitvaartverzorger kondigt dit aan. Zo kan de familie zich na de uitvaart verspreiden over de ruimte en alleen een praatje maken met degenen die ze goed kennen."

Vroeger was het protocol dat de overledene altijd voorop ging in de stoet. Tegenwoordig lopen op de begraafplaats meestal de beheerder van de begraafplaats en de uitvaartverzorger voorop. Is er een geestelijke aanwezig, dan hoort deze volgens het protocol vóór de uitvaartverzorger te lopen. Meestal loopt de begraafplaatsbeheerder voor of naast hem, omdat dat nu eenmaal wel zo praktisch is.

Etiquette-expert Beatrijs Ritsema: "Als er ergens gehuild mag worden, is het wel op een uitvaart. Het is niet vreemd als er emoties vrij komen, bijvoorbeeld wanneer je de naaste familie ziet huilen of als er een mooi liedje gedraaid wordt. Ben je toch bang dat je te veel de aandacht trekt, ga dan een beetje achteraan zitten. En probeer wel te voorkomen dat je bij het condoleren in huilen uitbarst. Het is niet de bedoeling dat de nabestaanden jou moeten troosten in plaats van andersom."

Als er een naast familielid overlijdt (partner, ouders of kinderen), heb je vanaf de dag van overlijden tot en met de dag van de uitvaart recht op calamiteitenverlof. Ben je daarna nog niet in staat om weer te werken, dan kan dit overgaan in bijzonder verlof. Gaat het om een familielid in de tweede graad (broer, zus of grootouder), dan heb je recht op één of maximaal twee dagen verlof.

Wil je de uitvaart bijwonen van iemand die verder van je af stond? Dan is je werkgever in principe niet verplicht om je vrij te geven. Maar de meeste werkgevers zullen dit alleen weigeren als er heel zwaarwegende redenen zijn.

Nee, foto's maken mag alleen als de nabestaanden je dat expliciet gevraagd hebben.

Niet zonder overleg met de nabestaanden. Maar wil je ze echt met zoiets lastigvallen?

Ja, maar zoek wel even een plekje op waar de directe familie je niet ziet (tenzij ze zelf ook staan te roken natuurlijk).

Controleer voordat de uitvaart begint altijd:

- of er vóór of na de plechtigheid gelegenheid is om de familie te condoleren. In het eerste geval: kom ruim op tijd!

- of je telefoon uit staat. Niets zo storend als een vrolijke ringtone die tijdens een toespraak opeens door de ruimte schalt.

- of je tissues bij je hebt, ook al verwacht je dat je niet gaat huilen. Heb je ze zelf niet nodig, dan kun je altijd nog aanbieden aan degene naast je.

- of je op de goede plek zit. Vaak zijn er voor de naaste familie plekken vooraan gereserveerd. Vraag bij twijfel even aan de uitvaartverzorger waar je het best kunt gaan zitten.

Als je een rouwstoet tegenkomt, mag je deze niet doorkruisen. Dit geldt ook als de stoet van links komt of afslaat. De regeling geldt alleen op gelijkwaardige kruisingen, dus zonder verkeerslichten, voorrangsborden of haaientanden. De eerste auto in de stoet, meestal de rouwwagen, moet zich wel aan de voorrangsregels houden. Bovendien moeten alle auto's in de stoet voorzien zijn van vlaggetjes. Is dit niet het geval, dan gelden de normale voorrangsregels.

Na de uitvaart en het condoleren is er meestal de gelegenheid om koffie te drinken met cake of een broodje. De sfeer is dan wat losser. Vaak is een uitvaart meteen een reünie: je spreekt er mensen die je lange tijd niet gezien hebt. Blijf je er wel van bewust datje op een uitvaart bent en niet op een feest of receptie. Te hard praten of lachen is niet gepast.

Bloemen zijn een persoonlijke gift aan de overledene, Ze staan daarom altijd zo dicht mogelijk bij de kist. Welk bloemstuk waar komt, heeft te maken met de mate van verwantschap van de gevers. Daarbij zijn er twee protocollen. Tijdens een condoleance staat de belangrijkste bloemstukken bij het hoofdeinde, maar tijdens de uitvaartplechtigheid staan ze opgesteld rond de kist.

De uitvaartverzorger zorgt dat een uitvaart in goede orde verloopt. Vaak zijn er vooraf met de familie specifieke wensen besproken. Volg daarom de aanwijzingen van de uitvaartverzorger altijd op.

Heeft u informatie nodig?

Dag en nacht persoonlijk contact
Bel: 0223 - 633 221